Hoe kan ik worden opgenomen in het nationaal register van gerechtsdeskundigen en beëdigd vertalers, tolken en vertalers-tolken?


Nota van de FOD Justitie. (klik hier)


27/11/2019

Vanaf nu moet u voorlopig of definitief zijn opgenomen in het nationaal register om de titel te mogen voeren van beëdigd vertaler en/of tolk

Tot 30 november 2021 zijn er 2 types van opname.

1. Een voorlopige opname

De voorlopige opname biedt de personen die al vóór 1 december 2016 actief waren als beëdigd vertaler, tolk of vertaler-tolk de mogelijkheid om hun activiteit voort te zetten en daarbij de nodige stappen te ondernemen voor hun definitieve opname. Deze opname zal slechts geldig zijn tot 30 november 2021. Na die datum zullen alle personen die willen blijven werken als beëdigd vertaler en/of tolk een ‘definitieve’ opname in het register moeten hebben aangevraagd. (zie overgangsbepalingen) De personen die niet beschikken over het getuigschrift juridische kennis en die kunnen aantonen dat zij vóór 1 december 2016 al hebben gewerkt voor de gerechtelijke overheden kunnen een voorlopige opname in het register aanvragen.

Er moeten geen opnamekosten worden gestort bij de voorlopige opname.

2. Een ‘definitieve’ opname

We spreken over een ‘definitieve’ opname wanneer de minister van Justitie, op grond van het advies van de aanvaardingscommissie, een positieve beslissing inzake opname heeft genomen, in de vorm van een ministerieel besluit. Deze opname zal geldig zijn voor een periode van 6 jaar te rekenen vanaf de beslissing van de minister van Justitie.

Voor een ‘definitieve’ opname in het nationaal register moeten de kandidaten hebben aangetoond dat zij voldoen aan alle wettelijk vereiste opnamevoorwaarden, met inbegrip van het getuigschrift juridische kennis. Hun dossier moet ook onderzocht zijn door de aanvaardingscommissie.

Opgelet: bij de ‘definitieve’ opname worden er opnamekosten gevraagd.

3. Wie kan het register inkijken?

Momenteel hebben alleen de magistraten en hun diensten toegang tot die registers. Zij hebben toegang sinds eind juni 2017.

Eind juni 2018 zijn gesprekken opgestart tussen de technische diensten van de politie en van justitie met het oog op toegang voor de politie. Om een beëdigd tolk te vinden waarop zij een beroep moet doen, is de politie momenteel nog genoodzaakt om te werken met oude lijsten of zich te wenden tot de procureur des Konings. (zie Openbaarheid van informatie – openbaar register)

Op termijn zal dit register vrij te raadplegen zijn door iedereen op de website van de federale overheidsdienst Justitie.
(zie Openbaarheid van informatie – openbaar register)

(Bron: https://justitie.belgium.be/nl)


Lijst van erkende opleidingen juridische kennis. (klik hier)


Wettelijke grondslag

30 MAART 2018. – Koninklijk besluit betreffende de juridische opleiding zoals bedoeld in artikel 25 van de wet van 10 april 2014 en in artikel 991octies, 2°, van het Gerechtelijk Wetboek

Art. 4. De opleiding juridische kennis voor de vertalers/tolken moet minstens de volgende modules omvatten waarvan de minimale duur in lesuren wordt aangeduid :
1. Algemeen overzicht van het Belgische rechtssysteem, gerechtelijke organisatie, bronnen van het recht, justitiële actoren (4 uren);
2. Strafprocesrecht, burgerlijk procesrecht, noties van het strafrecht en burgerlijk recht, gerechtskosten en tarifering (6 uren);
3. Juridische terminologie (6 uren);
4. Rol van de vertaler, tolk en vertaler-tolk in een gerechtelijke procedure en toepassing van de verschillende technieken van vertaling en vertolking in strafrechtelijke en burgerrechtelijke procedures, werking van het nationaal register voor beëdigd vertalers, tolken en vertalers-tolken (6 uren);
5. Deontologie, rechten en plichten; tolkhouding (4 uren).

Art. 7. § 1. De organisator van de opleiding kan een vrijstelling van het volgen van de opleiding die wordt beschreven in de modules 1 en/of 2 en 3 bedoeld in artikel 4 voor de beëdigd vertalers/tolken en in artikel 5 voor de gerechtsdeskundigen, verlenen aan elkeen die het bewijs levert van zijn juridische kennis door middel van het bezit van een diploma waarvan kan worden aangetoond dat de inhoud gelijkwaardig is of door middel van een bewijs van het hebben gevolgd van een gelijkwaardige opleiding. Deze vrijstelling geldt enkel het volgen van de opleiding. Zij moeten wel de evaluatietest afleggen.
§ 2. De minister van Justitie of de door hem gemachtigde ambtenaar kan gehele of gedeeltelijk vrijstelling verlenen aan de houders van een diploma, afgeleverd door een erkende onderwijsinstelling voor een opleiding waarvan het programma bepaalde of alle modules bevat.
De minister van Justitie of de door hem gemachtigde ambtenaar kan het advies inwinnen van de aanvaardingscommissie ingesteld bij artikel 20 van de wet van 10 april 2014 alvorens zijn beslissing te nemen of ingesteld bij artikel 991ter van het Gerechtelijk wetboek.

Art. 8. Uitgezonderd de vrijstelling van artikel 7, § 2, dient de kandidaat gerechtsdeskundige of de kandidaat beëdigd vertaler, tolk of vertaler-tolk zijn juridische kennis te bewijzen door te slagen in een evaluatie over alle modules van het programma, zoals vastgesteld in artikel 4 voor wat betreft de beëdigd vertalers/tolken en in artikel 5 voor de gerechtsdeskundigen, met inbegrip van de modules waarvoor een vrijstelling tot het volgen van de opleiding was verleend.
De verantwoordelijke van de opleiding moet een test organiseren aan het einde van de opleiding.
Deze test staat open voor de personen die de opleiding gevolgd hebben, alsook voor de personen die een gehele of gedeeltelijke vrijstelling hebben bekomen.